Je moet een beetje verdwijnen.
Als ik foto’s maak, probeer ik niet de aandacht te trekken.
Niet omdat ik verlegen ben. Ik wil gewoon niet dat mensen ‘aan’ gaan. Je weet wel, net iets rechter op zitten, ineens heel bewust glimlachen, of even snel het haar goed doen. Dan is het moment al weg.
Dus ik beweeg langzaam, praat weinig, en loop net iets vaker achterlangs dan voorlangs.
Foto 1: Op het Oogstfeest van GraanGeluk had ik mijn camera gericht op twee kleurrijke dames die verdiept waren in verhalen over graan, brood en bier. Niemand had mij in de gaten. Nou ja, op één kritische viervoeter na, die me strak aankeek alsof ik iets te veel aandacht aan z’n mensenvrienden gaf.
Foto 2: En bij Dichter bij Vermeer, een mooi initiatief van het Rijksmuseum, waar bewoners van een zorgcentrum ineens oog in oog stonden met een Vermeer (nou ja, een replica, maar wel een hele goeie!). Iedereen keek anders: verwonderd, geraakt, nieuwsgierig, en zelfs ontroerd. Niemand keek naar mij. Precies goed.
Ik was erbij, maar niet op de voorgrond. Soms zie je dan juist het meest.
Liefs,
Esther

