Wat een tuinderij mij leerde over groenten, geduld en seizoenen.
Pas toen ik vaker op tuinderijen kwam, merkte ik hoe weinig ik eigenlijk wist van groenten. Ik dacht altijd dat ik best veel groenten kende. Tot ik tussen de bedden van verschillende tuinderijen rondliep.
Ineens zag ik paarse boontjes, snijbiet in allerlei kleuren, bijzondere slasoorten en vergeten groenten waarvan ik me vooral afvroeg: waarom eten we dit eigenlijk niet veel vaker?
Maar ik ontdekte nog iets anders. We zijn het ritme van groenten een beetje kwijtgeraakt. In de supermarkt ligt bijna alles het hele jaar door in het schap. Daardoor vergeet je bijna dat groenten óók een seizoen hebben.
Op een tuinderij werkt dat heel anders. Daar bepaalt de natuur het tempo. Er wordt gezaaid, gewacht, gehoopt op regen of juist op een paar droge dagen. Sommige gewassen zijn er maar heel even. Mis je het moment, dan wacht je gewoon weer tot volgend jaar.
Voor StreekWaar mocht ik de afgelopen jaren verschillende tuinders uit de streek bezoeken. Samen liepen we over het land, terwijl ik met mijn camera hun verhalen vastlegde. Steeds opnieuw ontdekte ik hoeveel aandacht, vakmanschap en vooral geduld er schuilt achter groenten die uiteindelijk van het land op ons bord belanden. Je kunt een plant nu eenmaal niet vertellen dat hij volgende week woensdag even oogstrijp moet zijn. Hoe handig dat soms ook zou zijn.
Sindsdien kijk ik toch anders naar de groenten op mijn bord. En eerlijk gezegd blijf ik in een landwinkel ook veel langer rondneuzen dan vroeger. Niet omdat ik boodschappen ben vergeten, maar omdat ik nieuwsgierig ben geworden. Wat groeit er nú? Wat is net geoogst? En wat heb ik eigenlijk nog nooit geproefd?
Misschien is dat wel het mooiste wat tuinderijen doen. Ze laten je weer zien dat niet alles altijd beschikbaar hoeft te zijn. Juist doordat iets tijdelijk is, ga je er meer naar uitkijken.
Welke seizoensgroente maakt jou ieder jaar weer blij?
Liefs,
Esther



















